Hond laten afvallen

Hond laten afvallen: 3 tips

Geplaatst op 28 november 2018

Net als bij mensen kan overgewicht bij honden leiden tot allerlei gezondheidsklachten zoals diabetes en hartklachten. Wil je jouw hond laten afvallen? In dit artikel geven we een aantal tips om je hond op een verantwoorde manier op gewicht te krijgen.

» Lees dit artikel om te bepalen of jouw hond overgewicht heeft.

1. Weeg je hond

Meten is weten. Weeg je hond regelmatig en noteer het gewicht zodat je weet of de inspanningen om af te vallen zin hebben. Gaat je hond zelf op een weegschaal zitten dan heb je geluk (die van ons zijn er helaas niet geduldig genoeg voor…).

Een goede manier om een hond te wegen is door eerst zelf op de weegschaal te gaan staan en dan samen met de hond. Trek je eigen gewicht af van het totaal en je hebt het gewicht van de hond. Je kan ook even langsgaan bij een dierenarts om de hond te wegen.

2. Hond laten afvallen: geef de juiste hoeveelheid voer

Geef je hond een hoeveelheid voer afgestemd op zijn gewicht, leeftijd, of ié gecastreerd is of niet, activiteit en body condition score. Weeg het hondenvoer af zodat je weet dat je de hond exact dezelfde hoeveelheid voer per keer geeft. Als je kiest voor de brokken van Schrokkebrok dan hoef je hier niet meer over na te denken. We sturen precies de juiste hoeveelheid voer in afgewogen maaltijdzakjes.

» Bepaal hoeveel voer jouw hond nodig heeft

Heb je een juiste hoeveelheid voer vastgesteld? Geef dan consequent deze hoeveelheid en geef tussendoor geen extra’s. Wil je toch een tussendoortje geven, geef dan een deel van de dagelijkse portie brokken in plaats van een snoepje.

3. Ga meer bewegen met je hond

Gooi een bal, ga rennen, fietsen of zwemmen met de hond. Alles wat je doet om je hond te laten bewegen is goed. Niet alleen verbrandt de hond calorieën, het zorgt er ook voor dat jullie plezier hebben. Stem hetgeen je doet en de beweging af op wat de hond (en jij) graag doet. Je hond laten afvallen en de fitheid verbeteren is een doel voor de lange termijn. Neem er de tijd voor en bouw de hoeveelheid beweging langzaam op.